Wat zal ik eens tekenen?

slijter

Tijdens de cursus striptekenen is de meest gemaakte opmerking ‘Ik weet niet wat ik moet tekenen’. Mijn eerste reactie hierop is een vraag, meestal wat ze die dag gedaan hebben, meestal is dat niet veel. Ik vraag ze of ze een zus of broertje hebben, een huisdier. Daar komen vaak wat meer verhalen bij los en dat geeft ze gelijk wat inspiratie. Als ze er echt niet uit komen laat ik ze in een stripboek bladeren of roep iets waar ze voordat de cursus begon over bezig waren, mobiele telefoon, wie op wie is, stomme juffen en meesters.

De eerste lessen van de cursus geef ik tips over hoe ze kunnen tekenen wat ze bedenken. In de basis komt het meeste terug op cirkels, rondjes tekenen. Na de ‘ik weet niet wat’ vraag komt meestal de vraag: ‘ik weet niet hoe ik [iets] moet tekenen?’. Mijn antwoord: ‘Wat denk je ik ga zeggen?’, ‘jaa-haa, cirkels!’. Ik teken een cirkel en laat zien hoe ik daar een [iets] uit laat ontstaan, liefste met nog meer cirkels en laat de vragensteller gelijk mee tekenen.

En toen stond er opeens een stuk wazige tekst

Oeps.. een draft maken op mobiel gaat toch niet zo handig als ik dacht, maar moest even snel mijn hersenspinsel kwijt 😛

iets meer geredigeerd en ook weer aangevuld, is bestemd voor mijn boek, dat over tien jaar wel af zal zijn:
Ik weet niet meer wie, maar iemand had ons gezegd dat het onze relatie wel goed zou doen. Dat idee hadden we ook toen we de brochure lazen, er over spraken. Even er tussenuit met z’n tweetjes, zonder kinderen, actief samen werken. Weg uit de sleur die het dagelijkse leven ons tegenwoordig oplegt. Het repetitieve van het opstaan naar je werk, kinderen naar school even terug tussen de middag, weer naar school, eten koken, kinderen naar bed en dan moet je nog tijd vinden voor elkaar maar ook nog eens voor jezelf zien, wat vaak niet meer dan vijf minuten is voordat je voor pampus op de bank zit en eigenlijk alweer te lam bent om jezelf naar bed te gegeven.

Maar het leek ons dus een goed idee. Het pakte toch heel anders uit. Ik ben vooral mezelf tegengekomen, vooral die ene avond. We zijn wel opener en hechter weer thuis gekomen, dat wel. Maar die ene avond veranderde alles voor me. Die avond en die dans. Opende voor mij een deur ergens diep in mij. Niet alleen een deur maar alle luiken en ramen die het al die tijd verborgen hielden om het zonlicht naar binnen te laten stromen. Om het met warmte te verwelkomen. Stralend naar buiten te laten treden.

Fotograaf maakt foto

Vandaag zag ik de meest onzinnige foto met een evenzo onzinnig onderschrift. ‘Fotograaf maakt foto..’. Zo kan ik het ook. De komkommertijd is vroeg dit jaar ondanks de late start van de lente. De foto had vaag iets te maken met het bericht, het onderschrift haalde dit weer flink onderuit. Ik moet ook geen krant lezen in de trein, snel de strips gelezen, welke ik ook niet heel erg kon waarderen of volgen. Jammer, volgende keer weer een eigen stripje maken, als ik het dan niet kan waarderen dan heb ik dat ook zelf in de hand.

Op vakantie

kamperen

Dat mijn kleren wat klam en vochtig zijn, dat overleef ik wel, een hele dag opgesloten in een tentje kom ik met gemak wel door, maar een Wi-Fi verbinding die niet lekker werkt haalt het bloed onder mijn nagels vandaan. Dit jaar niet kamperen maar een huisje, wel zo praktisch 🙂

(in het vervolg mijn schetsboek niet meer op de scanner leggen maar gewoon een foto maken, of de pagina uitscheuren)

Spiegel

camera

Het lijkt wel of iedereen tegenwoordig fotograaf is. Los gezien van alle mensen die met hun mobiel alles vast leggen wat ze interessant lijkt en dit te pas en te onpas doen, zijn er ook steeds meer serieuzere fotografen, die bewapend met hun tas vol lenzen, diffuus flitsers en de digitale spiegelreflexcamera om hun nek op iedere straathoek te vinden zijn, vaak zelfs in groepjes.

Tijdens een concert liep er vroeger een enkele fotograaf, dat was makkelijk en duideljk, die kreeg vaak wat meer vrijheid om net even op het podium te mogen. Tegenwoordig lopen er een handjevol van die fotografen, met dikke tas en grote lenzen, tijdens het optreden lopen ze door het publiek, willen de beste plaatjes schieten, stoten ruw tegen je glas bier met hun uitstekende tassen, staan vooraan en blokkeren het zicht van alle anderen, denken zich hetzelfde te kunnen veroorloven wat de enkeling vroeger ook kon, maar dan viervoudig, net als de clubjes hobby fietsers die alsof ze de tour rijden zich de openbare weg toe eigenen en zich boven de verkeersregels wanen.

Het is crisis, toch lopen er hordes fotografen rond met een redelijk arsenaal aan camera werktuig waar een bijstands gezin met gemak een maand, soms wel twee, van rond kan komen.

Schrijven

anime-ghost-in-the-shell_00174898

Mijn hoofd zit vol. Vol met vanalles. Gedachten. Verhalen, vormen , beelden, gesprekken. Van mijn verkoud nog maar te zwijgen. Ik kom tijd te kort, neem te weinig tijd, wat misschien op dit moment ook met die verkoudheid heeft te maken. Ik was zo goed op weg, maar luister nu meer naar het voorbijgaan van alles, consumeer in plaats van creëer. In bad en bed met een goed boek, op de bank met een film. In de trein kijkend naar het landschap. Alles trekt voorbij. Mijn schetsboek en potloden mee genomen maar zitten nog ongeopend en nog scherp van onbruik in de tas. En langzaam stapelt dit alles zich op. Hoe meer ik zie, lees of luister mijn hoofd vult zich met nog meer ideeën, meer gedachten, meer vormen, meer verhalen, meer beelden, meer, meer, meer. Het moet eruit. Leeg. Ik pak mijn zakdoek en snuit mijn neus. Het helpt niets. Mijn kop blijft vol zitten.

Tekenen

interntet

Iemand vroeg me laatst of ik zelf al die tekeningen op mijn log maak, helaas niet allemaal, dat zou een mooi streven zijn, bij iedere blog mijn eigen tekening. Het zou ook makkelijker zijn om een passende tekening zelf te maken dan iets te vinden dat in de buurt komt van wat ik zoek. Het zou ook weer erg veel tijd gaan kosten. Ik teken al wel veel vaker. Heb ook weer een kop vol inspiratie. Ik ben nu bezig met schetsen van een strip over mijn jeugd. Korte strookjes met elk een kleine herinnering, ik begin bij mijn vroegste herinneringen tot de onderbouw van de lagere school. Het wordt een reflecterende strip, autobiografisch, eenvoudig, geen grote dingen. Ik heb al stof genoeg voor een aantal bladzijden vol strookjes, eerste bladzijde is al geschetst ben begonnen met de tweede. De nacht dat ik dacht dat ik een spook zag, het skelet dat ik zelf knutselde, nog meer knutselen, die keer dat ik met mijn knickerbocker op een stoel moest staan om te vertellen aan de klas dat het een knickerbocker was….
Daarnaast teken ik onderweg ook nog andere dingen. Snotneus en Sim, vandaag weer inspiratie gehaald uit een willekeurig gesprek dat ik opving van een paar bankjes verderop in de coupe. Het ging over kabels en internet. De strip/tekening is nog niet af, de trein was alweer op zijn bestemming aangekomen. Op weg naar huis maar even afmaken. Morgen dus een tekening. Verder nog een nieuwe deadline voor de Zanshin, blad van de Nederlandse Kendo Renmei(bond). En plannen om eventueel zelf weer een cursus op te zetten in mijn buurt.

update, nu met plaatje 🙂

Acedia

Gister was het hemelvaart. Een dag vrij van/voor de heer en de vaart naar de hemel van zijn zoon die voor onze zonden is gestorven. Waarom een dag vrij? Als dat juist de dagen zijn waarop we het meest aan onze zonden overgeven?

Ik was dus een dagje vrij en toevalligerwijs ook nog eens vier maanden getrouwd. Wij togen ons naar de sauna om eens lekker de hele dag niets te doen dan zweten, uitrusten en relaxen, het ultieme niets doen, wat geloof ik weer onder een van de zeven zonden valt.

Ik kan me uitlaten over de mensen die ik daar zie, de man met de buik alsof hij negen maanden zwanger is en zijn vrouw die zwaar krom gebogen stappen van hooguit drie centimeter zet.

De muziekkeuze in de sauna was er een waarvan mijn tenen kromden. Nu ben ik wel gewend aan de zachte panfluiten, piano pingels, krekels, vogelgeluiden en stromend water muziek die je doorgaans voor je kiezen krijgt in een sauna. Deze keer is het ook niet anders. Toch is er binnen dat genre muziek ook een heel scala aan niveau’s. De cd die men nu op had staan was er een uit het laagste segment.

De componist, als deze er al aan te pas was gekomen en het niet vanuit een computer algoritme ontsproten was, had een aantal noten teveel in de piano partij gestopt. De uitvoerende, eveneens verdenk ik hier een computer van, had nogal moeite met het interpreteren van de piano pingels. De noten stonden achteraan in de maat, waarschijnlijk als een soort opmaat naar de volgende. Toch werden ze gespeeld alsof ze nog bij de maat zelf hoorden en worden nog snel even voor het einde van de maat panisch in getoetst. Net iets te vroeg of iets te laat. Noten die niets meer zijn dan toevoegingen, opvulling, tussennoten, opmaten. Jammer. Ik zie me al de uitvoerende pianist voor me die met het zweet op zijn voorhoofd naar de bladmuziek kijkt en tegen zijn gevoel in toch maar de noten speelt die hij op papier ziet staan. Enkel en alleen daarom, omdat het er staat. Jammer, het maakte de muziek net niet aangenaam, het bouwde rustig op, pingelde rustig door en brak de hele sfeer weer af door geforceerd die laatste noten erin te hakken. Jammer, je moet muziek spelen zoals je het voelt, voelt het niet goed, pas het aan zoals jij het zou interpreteren, zoals het jou past, maak het eigen.

Zoals ik al zei, ik heb het vermoeden dat het een geheel door de computer vervaargdigde productie was, waarschijnlijk een bestaand nummer omgezet naar een new age versie, je pakt een muziek-cd van een populaire artiest, haalt het door een programma, zet het om, gooit er de new age instrumentalia tegenaan, wat ruisende bomen, krekels en vogeltjes et voila, nieuwe cd en verkopen maar aan de eerste de beste sauna of wellness winkel die je tegenkomt.

Jammer, juist op zo’n dag relaxen wil ik graag luisteren naar muziek waar gevoel in zit. Luisteren naar een compositie en de interpretatie van de uitvoerende. Meegenomen worden op klanken en niet getriggerd worden tot frustraties van een wan-productie.

Inspiratie

knibbelknab

Soms zit ik vast, kan ik geen inspiratie vinden of krijg ik het idee dat ik in mijn hoofd heb niet omgezet in wat ik dacht dat het zou worden. Ik had een stripje in mijn hoofd, iets over het aftreden van de Koning in de wereld van Snotneus en Sim, net zoals Beatrix dat deed en dat de een dan opmerkt dat er toch helemaal opvolger is.. Precies!

Misschien houd ik teveel vast aan een format, toch werkt dat het beste voor een strip, of toch niet? zit ik teveel in stroken te denken. Gelukkig kwam mijn dochter met wat meer inspiratie, de heks van hans en grietje. De strip was snel gemaakt, de grap ook. Wat minder politiek beladen, maar wel van deze tijd.

Vanochtend onder de douche schoten er ook een paar ideeën mijn kop in, mijn schetsboek in mijn tas gedaan en in de trein wat getekend, helaas is de reis net iets te kort, ik zat in de intercity en niet de stoptrein, maar heb toch al wat op papier gekregen, waarvan later zeker meer.

Je kan ook vriendjes worden van Snotneus en Sim, regelmatig delen ze hun avonturen: Snotneus en Sim op Facebook

Lente

Het onzienbare

Ik zit vast. Op de bodem, ingegraven. Beschut tegen de koude winter. De temperatuur begon te dalen, eerst ongemerkt. Ik maakte mijn rondes nog zonder zorgen. Totdat het omslagpunt kwam. Mijn lijf begon te tintelen, alle alarmbellen gingen af. De winter was in aantocht. Naarstig schoot ik weg, op zoek naar een geschikte plek. Met mij ook de anderen. Tijd voor de winterslaap.

En nu lig ik hier dus, vast en bewegingsloos. De winter was te koud. Te koud om te overleven. Dus waarom leef ik nog? Leven de anderen ook nog? Ik kijk verzwakt om me heen, veel vang ik nog niet op, mijn ogen nog wazig, ik zie de bewegingsloze lichamen van anderen om me heen.. Slapen ze? Wachten zij ook tot de tinteling van het winteralarm vervaagd en ze weer hun leven kunnen oppakken. Ik ben nog te verzwakt om echt wakker te worden. Mijn lijf tintelt nog steeds, het is nog te vroeg. Ik verval weer in mijn slaap.

Het tintelen in mijn lijf is opgehouden. Mijn zintuigen werken weer op volle kracht. De geur die zich om mij heen heeft verspreid is alles behalve aangenaam. Ik voel wat prikken in mijn zij. Ik open mijn ogen en zie rafelige flarden en schilfers om me heen dwarrelen. De stank doet het duizelen in mijn hoofd. Weg moet ik hier. Het is niet goed. Als ik eten in mijn maag zou hebben was het daar niet lang gebleven. Ik probeer te bewegen, kijk wat er zo prikt in mijn zij, een rij scherpe witte punten. Uit een grijze brij die langzaam als modder in elkaar zakt. Het is een van de anderen, of wat er van hem over is. De winter was te koud. Te koud om te overleven. Ik lag onderop. Onderop de rottende berg die mij in leven heeft gehouden. Ik kijk omhoog, ik moet weg, een rottende kop met dode ogen drijft tussen mij en de zon.