nachtuil

Er was maar weinig geluid dat hem hier bereikte, het ruisen van het bloed door zijn aderen was constant aanwezig. Wisselend stemde het gerust, dat het stroomde, gestaag op het ritme van zijn kloppende har, danwel maakte het angstig, heel bewust van zijn interne fysiek, bewust van het ooit eens stoppen van die stroom. Zo spookten zijn gedachten heen en weer er was toch niets anders om zich op te richten. Een donkere schaduw flitste over het gat gevolgd door een kort schel gekrijs dat kaatsend langs de wanden zijn weg naar beneden zocht en zich bij het passeren door merg en been heen ging. Door de schrik was hij de rust kwijt, was het geluid van het ruisende bloed verdrongen naar een lager niveau en zijn gehoor meer gespitst op geluiden van buiten, boven of juist beneden.

Beneden waar hij vandaan kwam was nog altijd de mogelijkheid van een achtervolging, hoewel het zeer onwaarschijnlijk leek dat ze hem zoveel aandacht zouden schenken en de moeite zouden nemen om hem terug te halen, eentje meer of minder maakte weinig verschil. Welbeschouwd zou hij in verloop van de tijd ook vanzelf terugkeren of hij nu wilde of niet, maar zover was het nog lang niet. Zijn hoop was gericht op boven, maar de enkele nachtuil die over het gat vloog zou weinig bij kunnen dragen aan zijn redding. Hij zou moeten wachten tot er hulp zou komen of hij een briljante inval zou krijgen om op eigen kracht verder te kunnen. Vele gedachten over hoe had hij al laten passeren, inschatten hoe ver het zou zijn. Ver. Veel te ver. Springen was geen optie, zijn korte beentjes maakten al dat hij altijd wat raar liep, de korte spieren gaven te weinig spanning om zijn lijf ver genoeg te lanceren. Voelen, minitieus ieder plekje om grip te vinden, dit zou kunnen werken als het niet zoveel kracht zou kosten, vooral omdat na ieder punt waar hij houvast zou vinden hij alles op alles moest zetten om de grip niet te verliezen. Hij moest nu vooral rusten, zijn krachten en gedachten sparen. Morgen zou het lichter zijn, warmer ook, dat miste hij wel een beetje, het vuur, de warmte. Het ruisen kwam weer langzaam op, stelde hem gerust tot alles vervaagde.

Join the Conversation

1 Comment

Leave a comment

Your email address will not be published. Required fields are marked *